Welke verplichtingen gelden er voor gevaarlijke stoffen?
De Arbowet en het Arbobesluit verplichten de werkgever om de risico's van gevaarlijke stoffen te inventariseren en te beheersen, met wettelijke grenswaarden voor blootstelling. REACH en CLP regelen registratie, classificatie en etikettering; de leverancier moet een veiligheidsinformatieblad (SDS) meeleveren en de werkgever moet dat voor elke stof raadbaar maken voor werknemers.
Voor de opslag van verpakte gevaarlijke stoffen geldt de publicatiereeks gevaarlijke stoffen (PGS 15): eisen aan hoeveelheden, compartimentering, lekbakken, ventilatie en signalering. Incompatibele stoffen (bijvoorbeeld sterk waterverdovende stoffen en zuren) mogen niet samen worden opgeslagen.
Wat is de arbeidshygiënische strategie?
De arbeidshygiënische strategie is de wettelijke volgorde waarin je blootstelling beheerst: eerst het risico aan de bron (substitutie: kan een minder gevaarlijke stof?), daarna collectieve maatregelen (afzuiging, afsluiting), pas daarna persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM). PBM is altijd het laatste redmiddel, niet de standaardoplossing.
Hoe ziet goed stoffenbeheer eruit in de praktijk?
- Een actueel stoffenregister: welke stoffen zijn er, waar worden ze gebruikt en opgeslagen
- Per stof een beschikbaar SDS met H-zinnen, PBM-advies en opslagcondities
- Blootstellingsroutes per stof: inademing, huid, ogen — met frequentie en duur
- Opslaglocaties met maximale hoeveelheden, compartimentering en compatibiliteitscontrole
- Periodieke controle van opslaglocaties en actualisatie bij SDS-wijzigingen
Hoe ondersteunt CTRL HSE het stoffenbeheer?
CTRL HSE koppelt stof, taak, werkplek en opslaglocatie aan elkaar: per stof leg je SDS, H-zinnen, ADR-gegevens en PBM-etiketten vast; per blootstellingsroute registreer je mogelijkheid, frequentie, duur en maatregelen — met expliciete verificatiestatus, zodat aannames nooit als feiten worden gepresenteerd. Opslaglocaties hebben een compatibiliteitscontrole en een controlecyclus; een SDS-wijziging genereert een signaal om maatregelen opnieuw te beoordelen.
Veelgemaakte fouten
- SDS'en digitaal bewaren, maar niet koppelen aan de taken waarin de stof daadwerkelijk wordt gebruikt
- Incompatibele stoffen in dezelfde kast opslaan omdat de ruimte 'tijdelijk' krap is
- PBM als standaardoplossing gebruiken zonder eerst substitutie en collectieve maatregelen te overwegen
- Opslag controleren bij de start maar geen vaste controlecyclus vastleggen
Veelgestelde vragen
Wat is een SDS (veiligheidsinformatieblad)?
Het SDS is het document waarin de leverancier de eigenschappen, gevaren en veiligheidsmaatregelen van een stof beschrijft (16 vastgelegde secties). De werkgever moet het SDS van elke gebruikte stof raadbaar hebben voor medewerkers.
Wanneer geldt PGS 15?
PGS 15 geldt voor de opslag van verpakte gevaarlijke stoffen: vloeistoffen, gassen en vaste stoffen in verpakking. Bepalend zijn onder andere de aard van de stoffen, de totale hoeveelheden en de opslagomstandigheden. PGS 15 is een richtsnoer dat in gemeentelijke omgevingsvergunningen vaak bindend wordt gemaakt.
Hoe weet ik welke stoffen niet samen opgeslagen mogen worden?
Het SDS vermeldt onverenigbaarheden. In CTRL HSE registreer je per stof incompatibele stoffen en controleert het systeem opslagcompatibiliteit bij het koppelen van stoffen aan opslaglocaties.
Moet ik blootstelling meten?
Dat hangt af van de stof, de blootstelling en de grenswaarden: als risico's niet goed beoordeeld kunnen worden met algemene kennis kan blootstellingsonderzoek verplicht zijn. In CTRL HSE leg je per route vast of de concentratie bekend is, wat de onderbouwing is en welke verificatie nog nodig is.
Gerelateerde onderwerpen
Ervaar CTRL HSE zelf
Plan een demo en zie hoe RI&E, risico's, incidenten, inspecties en compliance in één verbonden systeem samenkomen — met AI die voorstelt en mensen die beslissen.
Laatst herzien: 18 september 2026